Page 12 - Vilans 2021
P. 12

 Sinds de invoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning in 2015 is het uitgangspunt van het beleid dat eerst wordt gekeken naar wat mensen met een ondersteu- ningsvraag wél kunnen in plaats van wat ze níét kunnen. Tevens wordt gekeken naar de mogelijkheden van het eigen netwerk. Voor mensen met een intensieve zorgvraag die in instel- lingen verblijven, zijn er kwaliteits- kaders gekomen waarin de kwaliteit van leven een belangrijke plaats heeft gekregen. Dit heeft geleid tot aan- dacht voor persoonsgerichte zorg en het streven naar meer regie van mensen met een beperking. CULTUUROMSLAG Om de ambities waar te maken, is een cultuuromslag nodig. Alle betrokke- nen moeten wennen aan de nieuwe manier van werken. Bij de zorgmede- werkers komen bijvoorbeeld nieuwe vragen op. Hoe ga je met cliënten en familie het gesprek aan over hun wen- sen en behoeftes? Wat kunnen familie en zorgmedewerkers van elkaar ver- wachten? Waar liggen de grenzen van wat mogelijk is en wat wettelijk is toegestaan? Hoe staan we ervoor? Veel zorgorgani- saties en medewerkers zijn een stap verder gekomen. Zij erkennen de gelijkwaardigheid van cliënten, naas- ten en zorgmedewerkers en ze zien ‘Iemand met een beperking moet kunnen meepraten over wat hij nodig heeft om een volwaardig leven te leiden’ het belang van goede contacten met familie en naasten. Ze gebruiken de handreikingen en tips van Vilans om met familieleden in contact te komen en in gesprek te gaan. Dit is geen ‘rocket science’. Maar je moet de ken- nis wel toepassen om tot resultaat te komen. Zo blijkt uit diverse projecten dat ouderen die verhuizen naar een verpleeghuis vaak een groot deel van hun sociale netwerk kwijtraken. De oorzaak is dat de familie er gewoonweg niet altijd aan denkt om vrienden en kennissen een verhuiskaart te sturen waarin staat dat zij welkom zijn op het nieuwe woonadres. ‘Om gesprekken tussen zorgmedewerkers en families op gang te brengen, hebben wij circa 250 theatervoorstellingen gegeven van de “Familiefabels”. Deze voorstelling rekent af met onterechte aannames over de participatie van familieleden’, vertelt Vilans-adviseur Yvonne de Jong. ‘Een hardnekkig misverstand is bijvoorbeeld de gedachte dat zorg- medewerkers alleen met de eerste con- tactpersoon van een bewoner hoeven te communiceren. Dat is niet zo. Zij mogen contact onderhouden met het hele sociale netwerk. Als je dat bredere sociale netwerk niet vanaf het begin uitnodigt, verwatert het.’ MEEBESLISSEN Ook ervaringsdeskundigheid krijgt bij zorgorganisaties steeds meer waardering. De ondertekening door Nederland van het VN-verdrag voor de rechten van personen met beperkingen in 2016 heeft geholpen om dit onder- werp op de agenda te zetten. Vilans deelt de inspirerende voorbeelden over het betrekken van ervarings- deskundigen via het Kennisplein Gehandicaptensector. Dat is opgericht om de sector verder te helpen door kennisdeling te faciliteren en orga- niseren. In eerste instantie voor 12 VILANS.NL ACHTERGROND CLIËNTEN EN NAASTEN   


































































































   10   11   12   13   14